Log in om toegang te krijgen tot het magazine
Bezoek ook eens onze website(s) en Social Media.
Vul een zoekterm in om te zoeken binnen alle publicaties.
Log in om toegang te krijgen tot het magazine
Hortipoint Mediaproducties in samenwerking met Dümmen Orange
Dümmen Orange brengt onder de naam INTRINSA™ een kalanchoëserie, een aantal pot- en bolchrysanten, een serie petunia’s en een roos op de markt met versterkte resistenties tegen specifieke schimmels en virussen. De ontwikkeling van weerbare planten maakt duurzaam telen mogelijk met minder gewasbeschermingsmiddelen en zonder stress over ziekten en uitval.
Onze nieuwe planten moeten mooi zijn, dat sowieso. Maar wat voor ons nog zwaarder telt is of producten duurzaam te telen zijn”, legt directeur Business Development Perry Wismans van Dümmen Orange uit. Het aantal gewasbeschermingsmiddelen dat mag worden ingezet neemt af, en vanuit de retail en consumenten neemt de druk toe om duurzame producten op de markt te brengen. In het nieuwe Breeding Technology Centre van Dümmen Orange in De Lier ligt de focus daarom op veredelingstechnieken waarmee de natuurlijke resistentie van sierplanten tegen schimmels, virussen en bacteriën versterkt kan worden. Met als resultaat: nieuwe INTRINSA-producten.
Dit jaar introduceert het veredelingsbedrijf drie nieuwe plantenseries onder deze naam. Beschikbaar zijn een meeldauwresistente kalanchoëserie, verschillende chrysantenseries die resistent zijn tegen witte roest, en petuniarassen die resistent zijn tegen het tabaksmozaïekvirus. Volgend jaar wordt de INTRINSA-portfolio verder aangevuld met een meeldauwresistente roos. En naar verwachting volgen de komende jaren steeds weer nieuwe producten.
Resistente planten zijn zeer in trek. Problemen met virussen en schimmels zijn schadelijk voor de handel en voor de teelt van gewassen. In Aziatische landen en in Zuid-Amerika is bijvoorbeeld witte roest in de productie een enorm probleem, weet Wismans. „Daar biedt Dümmen Orange met de INTRINSA-chrysanten nu een oplossing voor.”
Bij de ontwikkeling van de INTRINSA-planten neemt de veredelaar de aanwezige resistentie voor bepaalde schimmels of virussen die sommige planten al van nature in zich dragen als uitgangspunt. „We hebben petunia’s gevonden die resistent zijn tegen het tabaksmozaïekvirus. Bij die planten sporen we met moderne veredelingstechnieken de genetische code voor de specifieke resistentie op”, legt Wismans uit. Daarna volgt een lang traject waarin de code gericht wordt ingekruist in andere planten om de resistentie-eigenschap te versterken en zo uiteindelijk planten te selecteren die zichtbaar weerbaarder zijn. „Eigenlijk is het hele veredelingsproces erop gericht om het onzichtbare zichtbaar te maken. Door onzichtbare genetische codes te ontrafelen, kunnen we planten ontwikkelen die zichtbaar sterker en weerbaarder zijn.”
Met de planten die het INTRINSA-logo dragen kunnen kwekers duurzamer telen omdat ze veel minder gebruik hoeven te maken van gewasbeschermingsmiddelen. „Dat betekent dus ook lagere kosten en minder risico dat planten uitvallen. Zo draagt een duurzame benadering bij aan economisch succes.” En wat zeker zo belangrijk is: met INTRINSA-planten kunnen kwekers volgens Wismans telen met een hele andere gemoedstoestand dan ze gewend zijn. „Doordat de planten vanaf de start weerbaar zijn hebben kwekers veel minder zorgen en stress. In het Engels zeggen we dat heel mooi: growers can care more by caring less. Dat is precies wat we nastreven.”
Hortipoint Mediaproducties in samenwerking met Dümmen Orange. Dit artikel valt buiten de verantwoordelijkheid van de redactie.